Opbouw van de Kinderwerkmethode


Opbouw van de midden- en bovenbouw

Hieronder worden de uitgangspunten besproken, die ervoor gezorgd hebben dat de onderwijsmethode zijn huidige vorm heeft gekregen.

Handelings- en ervaringsgericht onderwijs
Het kind moet het nut inzien van wat hij moet leren. Het moet relevant zijn voor zijn/haar leven. Als het kind de relevantie inziet en het leert er betekenis aan geven door het te ervaren en toe te passen in zijn leven, dan is het leerrendement hoog. Daarom is gekozen voor handelings- en ervaringsgericht onderwijs. Het sluit goed aan bij het onderwijs op de scholen. De leiders begeleiden het leerproces van het kind door onder andere de interesse te wekken (relevantie aan te tonen), het op tijd van kennis te voorzien, oefeningen aan te bieden, het te stimuleren en het in het grote kader te plaatsen.Onderwijsmethode Doe maar

Chronologische en theologische themablokken
De onderwijsmethode is opgebouwd uit zogenaamde themablokken. Een themablok heeft een eigen thema met een handelingsgericht (sub)doel. Een themablok bevat vier tot acht lessen. Zie voor een overzicht van de themablokken het meerjaren overzicht.

Er zijn twee soorten themablokken te onderscheiden. Ten eerste de chronologische themablokken. In deze blokken worden, gedurende het hele onderwijsplan, bijbelverhalen chronologisch aan de orde gesteld. Ten tweede de theologische themablokken. In deze blokken wordt een theologisch onderwerp aan de hand van verschillende bijbelverhalen behandeld. Dit zijn als het ware de bouwstenen van de geloofsleer, zoals besproken bij de doelen.

Driejarige cyclus
De middenbouw (groep 3 tot en met 5 van de basisschool) en de bovenbouw (groep 6 tot en met 8 van de basisschool) doorlopen na drie jaar weer dezelfde themablokken. De middenbouw behandelt de themablokken tot een bepaald niveau. In de bovenbouw wordt elk onderwerp nogmaals behandeld, maar het doel gaat een stap verder en het onderwerp wordt verder uitgediept.

Het doel van deze herhaling is: meer diepgang en het beter eigen maken van de handeling. Op deze wijze gaan de kinderen in zes jaar twee maal de Bijbel door.

Kwaliteit op elk gebied
De kwaliteit van alle onderdelen kan verhoogd worden door de medewerkers gavengericht in te zetten. Daarmee wordt bedoeld dat de medewerkers daar (hoofdzakelijk) ingezet worden waar zij gaven en talenten voor hebben gekregen. De één doet bijvoorbeeld alleen de vertelling. Een ander doet het zanggedeelte en weer een ander neemt de verwerking voor zijn rekening.

Kwaliteit, maar ook persoonlijke aandacht
In de onderwijsmethode wordt ervan uitgegaan dat er een aparte voordienst is voor de onder-, midden- en bovenbouw. Hiervoor is gekozen, zodat de kinderwerkers gavengericht ingezet kunnen worden en de kwaliteit daardoor hoger is. In deze voordiensten wordt met elkaar gezongen, gebeden, het verhaal wordt verteld en eventueel ondersteund door een dramastukje, filmpjes, PowerPoint presentaties e.d.
Na deze drie voordiensten gaat iedere ‘bouw’ in kleine groepen uiteen. Deze groepen bevatten tien tot vijftien kinderen. Daardoor is het mogelijk voor de leiding om voor ieder kind aandacht te hebben. In deze kleine groepen wordt aan het doel gewerkt door bijvoorbeeld: gesprekken, spelvormen, drama, quizzen of een werkje.

 

De opbouw van de onderbouwOnderwijsmethode Doe maar

Het programma van de onderbouw is anders dan dat van de midden- en bovenbouw. Bij de onderbouw is de methode vooral gericht op kennisoverdracht. Er wordt een basis gelegd voor het verdere programma door diverse bijbelverhalen aan de orde te stellen. Zie voor meer informatie de inleiding van de onderbouw.

 

 

 

Lees meer…>>